Sinterklaasgedichten

Sinterklaasgedichten

Op Rijmgedichten vind je grappige rijmen. Daarmee verras je ieder kind, partner, vader, moeder, opa of oma zekers te weten.

Grappige Sint gedichten maken met rijmmachine

Naast grappige kant en klare gedichten, kan je bovendien een persoonlijk sinterklaas gedicht maken met de generator. Hierin worden kort onderwerpen waaronder hobby, liefde, vriendschap, humor, en persoonlijke cadeaus’s beschreven. De sinterklaas gedichten rijmmachine 2025 staat live.

Ga voor kant-en-klaar of gebruik de generator

Je kan zelf een eigen sinterklaas gedicht maken voor surprises, of kies voor makkelijk: de kant en klare (zie hieronder). Maar ook voor hulp met rijmen, zeker voor het begin kan je de tientallen beginzinnen van leuke kant en klaar gedichten gebruiken. Persoonlijke teksten bij de surprise en alle andere cadeau’s.

Algemene sinterklaasgedichten

Sint en zijn paard

Sinterklaas kwam met zijn paard,
en vond jouw schoen heel goed bewaard.
Hij keek erin, zei: “Zo hoort dat hoor!”
Daarom ligt er nu een cadeautje voor.

Decemberfeest

Sint zat even in zijn boek te kijken,
en zag jouw naam zo liet hij blijken.
Je was dit jaar erg braaf geweest,
dus krijg je nu een fijn decemberfeest.

Warm en fijn

In Spanje was het warm en fijn,
maar Sint moest weer in Nederland zijn.
Voor jou bracht hij iets moois naar hier,
in de hoop dat het je blij maakt —
jouw lach doet hem ook plezier.

Een beetje stout ...

Met een knipoog

Sint keek in zijn grote schrift,
met een streng maar vrolijk gezicht.
“Zozo… een beetje ondeugend dus?”
Toch krijg je een cadeautje, met een knipoog en een kus.

Streken en Fratsen

Piet heeft stiekem om je gelachen,
om al je grappige, gekke streken en fratsen.
Maar ondeugend zijn is ook een kunst,
dus krijg je dit cadeau — zie het maar als een gunst.

Sint uit de bocht

Je deed soms dingen wat niet mocht,
maar zelfs de Sint vliegt wel eens uit de bocht.
En ach, hij vindt het ergens wel charmant,
dus legde hij tóch iets leuks in jouw schoen, heel galant.

Vol humor

Struikelpiet

De Pieten waren druk, ze hadden haast,
maar eentje struikelde over zijn eigen laars.
Hij rolde door de kamer, riep: “Ik ben oké!”
En liet toen jouw cadeautje vallen — maar hij zegt dat dat hoort bij het idee.

Alles door elkaar

Sint keek in de zak en raakte wat in paniek,
want alles lag door elkaar — wat een logistiek!
Maar tussen pepernoten, koek en lint,
vond hij gelukkig jouw pakje… voor een super blij kind.

Inpakken en uitpakken

Piet wilde jouw cadeau mooi inpakken,
maar kon beter stoppen met dat geklungel met plakken.
Plakband in zijn baard, papier aan zijn schoen,
maar hé — je hebt nu wél je cadeau… het uitpakken mag jij doen!

Of maak een gedicht met AI 
(binnen 1 minuut klaar!)

Zelf aan het rijmen? We helpen je op weg met vijftig toepasselijke rijmwoorden!

  • Sinterklaas – kaas, baas, vaas, raas, dwaas
  • Piet – niet, ziet, geniet, verdriet, geschiet
  • Stoomboot – brood, groot, malloot, goot, moot
  • Schoen – doen, Koen, groen, toen, hoen
  • Cadeau – hallo, niveau, bureau, chapeau, zozo
  • Pepernoot – brood, schoot, rood, boot, schoot
  • Staf – maf, gaf, blaf, straf, af
  • Amerigo (paard) –flamingo, mango, lingo
  • Zak – bak, mak, tak, pak, wak, hak
  • Surprise – expertise
  • Gedicht – zicht, licht, plicht, verlicht, gezicht
  • Chocolade – parade, marmelade, serenade, tirade, lade
  • Marsepein – fijn, klein, zijn, schijn, wijn, mijn
  • Spanje – oranje, champagne, kastanje
  • Ring – ding, kring, spring, zing
  • Baard – paard, waard, kaart, behaard, bejaard
  • Schoorsteen – been, steen, heen, gemeen, alleen
  • Maan – gaan, staan, slaan, waan, gedaan
  • Kruidnoot – boot, schoot, groot, brood
  • Koets – roets, poets
  • Heer – meer, leer, sfeer, keer, zeer
  • Veer – peer, weer, neer, zeer, sfeer, heer
  • Storm – worm, norm, vorm
  • Goud – fout, stout, hout, koud, woud
  • Lied – niet, ziet, geniet, gebied, geschied
  • Snoep – troep, roep, soep, stoep, sloep
  • Brief – lief, grief, dief, (hoge) pief
  • Boek – zoek, koek, hoek, vloek
  • Wind – kind, blind, vindt, gezind, vrind
  • Koek – hoek, zoek, vloek, broek, doek
  • Nacht – bedacht, gebracht, lacht, macht, kracht
  • Gloed – goed, hoed, moed, voet
  • Zacht – wacht, pracht, nacht, lacht, kracht
  • Strooi – mooi, hooi, gooi, plooi
  • Pakje – zakje, bakje, plakje, dakje
  • Pakket – pret, pet, vet, net, set
  • Geheim – klein, schijn, wijn, mijn, rein
  • Bel – fel, wel, snel, spel, tel
  • Sok – rok, hok, pok, tok, blok
  • Glas – pas, tas, jas, ras, kras